Het gesprek met Gerard van der Werf en Frans Reulink laat zien dat duurzaamheid binnen De Enk niet wordt gezien als een los project of verplichting, maar als een logisch verlengstuk van het vakgebied waarin de organisatie actief is. Vanuit hun rol als directie kijken zij naar de prestaties van vandaag, maar vooral naar de toekomst van de leefomgeving, de organisatie en de mensen die er werken.
Volgens Gerard en Frans is de positie van De Enk de afgelopen tien jaar sterk veranderd. Waar groen vroeger vaak als “bijzaak” werd gezien in de openbare ruimte, is het inmiddels een essentieel onderdeel geworden van gebiedsontwikkeling, gezondheid en klimaatadaptatie. Gemeenten, ontwikkelaars en opdrachtgevers kijken steeds nadrukkelijker naar de rol van groen in stedelijke omgevingen.
Frans beschrijft hoe groen inmiddels letterlijk “op de balans” terechtkomt bij opdrachtgevers. Het wordt niet langer alleen gezien als aankleding, maar als een investering in leefbaarheid, gezondheid en klimaatbestendigheid. Daardoor verandert ook langzaamaan de rol van De Enk: van uitvoerende partij naar steeds meer een adviserende en strategische partner.
Voor Gerard ligt de motivatie voorduurzaamheid verankerd in een gevoel van verantwoordelijkheid. Hij omschrijft het als rentmeesterschap: het idee dat organisaties en mensen de verantwoordelijkheid hebben om de wereld minimaal net zo goed achter te laten als zij haar aantroffen.
Juist als groenbedrijf voelt De Enk volgens hem die verantwoordelijkheid sterk. De organisatie werkt dagelijks in natuur, bodem, water en leefomgeving, en ziet daardoor direct welke impact keuzes hebben op mens en milieu.
Ook Frans benadrukt dat de kern van hun werk verder gaat dan alleen groenbeheer. Het draait volgens hem om het creëren van gezonde, prettige en toekomstbestendige leefomgevingen waarin mensen zich goed voelen.
De Sustainable Development Goals (SDG’s) helpen de organisatie om duurzaamheid structureel te verankeren binnen de organisatie. Vanuit een onderzoek naar de SDG’s zijn doelstellingen, thema’s en werkgroepen ontwikkeld die richting geven aan de organisatie.
De directie ziet duurzaamheid niet alleen als maatschappelijke verantwoordelijkheid, maar ook als een strategische keuze. Grote opdrachtgevers vragen steeds vaker om onderbouwing, data en concrete duurzaamheidsdoelen. Daarnaast helpt een duidelijke duurzaamheidskoers volgens hen om intern richting te geven en medewerkers te verbinden aan een gezamenlijke ambitie.
Hoewel duurzaamheid steeds beter verankerd raakt in strategie en beleid, erkennen Gerard en Frans dat de echte uitdaging zit in dagelijkse keuzes. Het verduurzamen van een organisatie vraagt niet alleen om doelstellingen en techniek, maar vooral om mensen meenemen in nieuwe werkwijzen en keuzes. Dat geldt bijvoorbeeld voor mobiliteit, samenwerking en elektrificatie van materieel. De directie benoemt dat juist kleine dagelijkse keuzes vaak het moeilijkst zijn om te veranderen.
Om medewerkers meer te betrekken, werkt De Enk met werkgroepen rondom duurzaamheidsthema’s en wordt duurzaamheid structureel meegenomen in werkoverleggen, offertes en interne communicatie. Ook een interne duurzaamheidsnieuwsbrief moet bijdragen aan bewustwording en betrokkenheid binnen de organisatie.
Tijdens het gesprek komt meerdere keren terug dat duurzaamheid in de praktijk gepaard gaat met dilemma’s. De ambitie om sneller te elektrificeren of volledig over te stappen op duurzame brandstoffen botst soms met kosten, technische beperkingen of de praktische realiteit van projecten.
Een concreet voorbeeld is het gebruik van HVO100-brandstof. Hoewel De Enk bewust heeft gekozen om hierin stappen te zetten, zorgen stijgende brandstofprijzen ervoor dat verdere opschaling tijdelijk onder druk staat. Ook op het gebied van elektrificatie erkennen Gerard en Frans dat de techniek nog niet in alle situaties voldoende ontwikkeld is.
Daarnaast speelt kwaliteit een belangrijke rol. Bijvoorbeeld op golfbanen of specialistische groenprojecten moet de kwaliteit gewaarborgd blijven, ook wanneer er minder chemische middelen worden gebruikt. Volgens de directie blijft daar altijd een spanningsveld bestaan tussen duurzaamheid, uitvoerbaarheid en verwachtingen van opdrachtgevers.
De directie ziet innovatie als een belangrijke sleutel voor verdere verduurzaming. Daarbij gaat het niet alleen om elektrificatie, maar ook om robotisering, waterbeheer en data gedreven groenbeheer.
Binnen de golfactiviteiten wordt al sinds 2012 gewerkt aan robotisering en autonome machines. Via dochterbedrijf TerraTronic ontwikkelt De Enk onder andere elektrische en autonome maaimachines. Daarnaast wordt gewerkt met sensortechnologie om gerichter te bemesten en efficiënter met grondstoffen om te gaan.
Ook in stedelijke gebieden ziet De Enk grote kansen. Groene daken, waterbuffering en klimaat adaptieve inrichting worden volgens de directie steeds belangrijker in toekomstige gebiedsontwikkeling.
Op de vraag waar zij het meest trots op zijn, antwoorden zowel Gerard als Frans vrijwel direct: de mensen binnen De Enk.
Volgens hen zit de kracht van de organisatie niet alleen in projecten of techniek, maar vooral in betrokkenmedewerkers, vakmanschap en langdurige verbinding met de organisatie. De Enk investeert bewust in cultuur, samenwerking en binding met medewerkers, onder andere via familiedagen en een sterke focus op teamgevoel.
Juist in een sector waarin vakmensenschaars zijn, ziet de directie dat als een belangrijk fundament voor de toekomst.